De Ongenode Gast krijgt een spoedcursus dahliaplukken

Wat: dahlia’s plukken
Waar: Eelde
Wanneer: vrijdag 29 augustus
De zon lijkt verstoppertje te spelen met de wolken, schaduw en licht wisselen elkaar af. Duizenden dahlia’s knikken hun kopjes in een zachte bries. De Ongenode Gast parkeert zijn auto in de berm, even buiten Eelde. In de nabij gelegen dahliavelden zijn vrijwilligers van de corsowijken bezig met de kostbare bloemen te plukken. De Gast stapt even uit om een praatje te maken.
De velden zijn van twee corsowijken, Rond de Wieken en Westend. André Ensing, godfather van Rond de Wieken en kartrekker van de bloemenafdeling, loopt met een mand aan de arm door de rijen dahlia’s. “De bloemen die we nu plukken gaan in de koeling, zodat ze later gebruikt kunnen worden. Donderdag, vlak voor het corso, worden de laatste bloemen geplukt. Die zijn dan nog mooi vers voor de parade op zaterdag”, legt hij uit. Tijdens het gesprek gaat hij rustig door met plukken. “Twee vingers onder de bloem en dan gewoon trekken.” De Gast kan het niet laten en probeert het ook. Na een korte worsteling geeft de felrode bloem zich gewonnen.
Dan de volgende keuze: gaat deze in het mandje en naar de koeling, of belandt hij in de modder? “Je moet kijken of het gele hart, binnen in de bloem, al te zien is. Als dat zo is dan is hij te ver heen en gaat hij op de grond”, vertelt de kenner. De Gast ontwaart inderdaad een geel hartje, met pijn in het eigen hart verbant hij de bloem naar de grond. Je hebt eelt op de ziel nodig om dit werk te doen, de rest van de plukkers lijkt er minder moeite mee te hebben. Waar geplukt wordt vallen blaadjes, zullen we maar zeggen.
De Gast loopt verder, langs de stroken verschillende bloemen. Die dragen geweldige namen, als yellow heaven, gipsy night of purper fox. Of André Ensing, speciaal ontwikkeld toen de nestor van Rond de Wieken afzwaaide als voorzitter.
Werken aan een corsowagen blijkt in het bloed te zitten, het wordt in families doorgegeven. Dat is duidelijk te zien in het veld. Een clubje jonge plukkers staan met elkaar te geinen, terwijl mandjes worden gevuld. Remco Bos en Gijs Cannegieter hebben beide een paar weken vakantie genomen, zodat ze de volle aandacht aan de wagen kunnen geven. “We doen zo’n beetje alles wat er nodig is voor de wagen. We lassen, plukken dahlia’s en prikken ze straks op de wagen”, zegt Remco. Gijs vult aan: “We zijn allemaal groot geworden met het corso, onze kinderwagens stonden naast elkaar in de tent.”
Een rij verderop staat Vera Holbers, zij hoefde geen vakantie op te nemen om aan de wagen mee te helpen. “Ik ga studeer nog, volgende week begint dat pas weer.” Ook zij is in de tent van vele markten thuis. “De laatste tijd ben ik bezig geweest met verven en knutselen en nu plukken.” Erik Snijder, voorzitter van de wijk, loopt heen en weer met kratten vol bloemen. Wanneer de optocht nadert maakt hij lange dagen, maar hij is eigenlijk het hele jaar wel met het corso bezig. “Als het corso erop zit, dan begint het langzaam op te lopen. Het bouwt op van een paar uur per week, naar het moment dat de tent er staat. Vandaag was ik om 9 uur bij de tent, waarschijnlijk ga ik rond een uur of 1 ‘s nachts naar huis.”
Naast het veld van Rond de Wieken staan de rijen dahlia’s van de wijk Westend. Ook daar is een club vrijwilligers druk in de weer met plukken. Rieks Wietzes staat tevreden te kijken hoe mandjes vol bloemen worden uitgestort in zwarte kisten. “Dit jaar is het geweldig, zoveel bloemen als deze keer hebben we in jaren niet gehad”, vertelt hij enthousiast. Hij en de Ongenode Gast zijn oude bekenden, vorig jaar vertelde Rieks namelijk dat de oogst enorm tegenviel. Dit jaar waren de omstandigheden ideaal en produceren de planten zoveel bloemen als de enthousiaste corsoleden kwijt kunnen. Een jongen stort opnieuw een grote mand leeg, een waterval van fel oranje bloemen tuimelt in de kist. “Goed bezig Noah”, roept vrouw enthousiast. De Gast vraagt of ze toevallig moeder en zoon zijn. “Nee dat niet, maar we zijn hier een grote familie”, zegt ze lachend.
Na wat meer gekeuvel over hoe de bouw van de wagen vordert kijkt de Gast op zijn horloge. Hij realiseert zich dat, als hij hard zijn best doet, hij toch een paar minuten te laat is bij de volgende afspraak. Met een haastige zwaai beent hij terug naar de auto, langs de knikkende bloemen en vrolijke plukkers.








