De Ongenode Groupie woont repetitie van Mississippi Kings bij

Wie: Mississippi Kings
Waar: Zuidlaren
Wat: blues
ZUIDLAREN - Het is een warme zomeravond, de Ongenode Groupie staat op de stoep bij Ronald Schoonveld in Zuidlaren. De laatste repetitie voor de zomervakantie van Mississippi Kings staat op het punt om te beginnen. Tegelijkertijd met de Groupie arriveert Karstjan Kremer, de drummer van de band.
Blijkbaar had hij het mailtje van Ronald niet gelezen waarin de komst van de Groupie was aangekondigd. Toch begeleidt hij de onverwachte gast galant naar binnen. Terwijl Schoolveld koffie zet druppelen de andere leden van de band binnen en pakken een stoel in de achtertuin.
Mississippi King is een bluesband die al heel wat jaartjes meedraait. De band speelt zogenaamde ‘deltablues’, een variant van de blues die ontstaan is in het noordwesten van de Amerikaanse staat Mississippi. De muziek vindt zijn oorsprong bij Afro-Amerikanen, die als slaven op de katoenplantages werkten. De Mississippi Kings streven ernaar om de authentieke sound van deze muziek ten gehore te brengen. De band bestaat uit zanger en gitarist Ronald Schoonveld, drummer Kremer, zanger en bassist Ton Töben, mondharmonicaspeler Steven Elings en pianist Henrik Huizinga.
Wanneer het voltallige ensemble rondom de tafel zit wordt al snel duidelijk dat de bandleden elkaar lang kennen. Gemoedelijk plagen ze elkaar, onderwijl wordt de planning voor optredens na het zomerreces uitgehamerd. De bandleden mogen namelijk graag samen repeteren, het mooiste vinden ze optreden. “Optreden is wel waar je het uiteindelijk voor doet”, legt gitarist Schoonveld uit.
Al snel gaat het gesprek over eerdere optredens die ze samen hebben gespeeld. Sinds 2016 spelen ze bijvoorbeeld elk jaar tijdens TT Assen, of hoe ze Hedon in Zwolle uitverkochten tijdens de coronapandemie. Voor wie de coronatijden uit het geheugen heeft verbannen: er was een periode dat er wel optredens mogelijk waren, maar mensen moesten afstand houden. Het uitverkopen van de poptempel ging dus makkelijker dan in normale tijden. Maar toch, de band heeft het toch maar mooi voor elkaar gekregen.
De bandleden bezitten samen een reusachtige kennis over blues en aanverwante muziekstijlen. Er ontstaat een discussie tussen bassist Töben en harmonicaspeler Elings over de vraag of Zydeco wel of niet onder de Cajun-muziek geschaard kan worden. Namen van artiesten vliegen over en weer, de geschiedenis en eigenschappen van beide stijlen worden tegen het licht gehouden. De Ongenode Groupie is al snel de draad kwijt, goedbedoelde pogingen van Schoonveld om het te verduidelijken missen hun doel. “Neem maar aan dat ik gelijk heb”, sluit Töben de discussie af. Schoorvoetend geeft Elings de twist op.
De Groupie geeft toe aan de drummer Kremer dat hij inmiddels helemaal verdwaald is in alle blues termen en namen van bekende artiesten, waar hij nog nooit van heeft gehoord. Was het echt een discussie, of probeerden de bandleden de Groupie een loer te draaien? Grijnzend antwoordt Kremer: “We zijn lang niet altijd serieus, maar over blues maken we geen grappen.”
In alle gezelligheid moet niet vergeten worden waarvoor iedereen zich bij Schoonveld heeft verzameld. Als de koffie op is, vertrekt de band, inclusief de Groupie, naar de oefenruimte die aan het huis van de gastheer is vastgeplakt. Elk bandlid heeft een vaste plek in het kamertje, er is net genoeg ruimte voor iedereen. De groupie kruipt in een hoekje, kladblok op de knie en camera in de aanslag.
De ruimte in het oefenhok is zo beperkt dat toetsenist pas zijn plaats kan opzoeken wanneer de rest van de band zit. Zijn keyboard wordt over zijn knieën geschoven, daarna kan hij geen kant meer op. Naast hem heeft Steven Elings zijn harmonica’s uitgestald. Een stuk of twintig exemplaren glimmen in de doos. “Dit is ongeveer een kwart van mijn totale collectie,” vertrouwt hij de Groupie toe.
Dan zet de band het nummer ‘Hey mama’ in. Strakke drums en bastonen vormen de ruggengraat van het nummer, de tonen van Schoonvelds gitaar glijden daaroverheen. De mondharmonica doorsnijdt de muziek. De piano schittert door zijn afwezigheid, iets dat ook de bandleden al snel opvalt. Het instrument is niet goed aangesloten op de boxen. Schoonveld rommelt wat met kabels, ineens schallen de noten van Henrik Huizinga door de kleine kamer. Schoonveld heeft nog maar net zijn stoel opnieuw gevonden of Kremer slaat zijn stokken al tegen elkaar en telt af. Voor ongeveer drie minuten wordt de Groupie meegevoerd naar het moerasland van Mississippi, als de laatste noten wegsterven meent hij het kabbelen van de machtige rivier te horen die de Amerikaanse staat zijn naam geeft.
Buiten is inmiddels de avond gevallen, de temperatuur in de oefenruimte is danig opgelopen. Nadat de Groupie zich langs het Henriks keyboard heeft gewurmd begeleidt Schoonveld hem naar buiten, een mooie gelegenheid voor hem om een hap frisse lucht te pakken. Terwijl de eerste sterren hun gezicht laten zien stapt de Groupie in zijn auto, onderweg luistert hij op Spotify naar het album van Mississippi Kings, Winter Harvest.






