De Ongenode Gast gaat op de koffie in Paterswolde

PATERSWOLDE - De Ongenode Gast komt iets over half drie aan bij Ons Dorpshuis in Paterswolde. Wanneer hij door de kantine loopt is de bar bezaaid met punten kersenvlaai. De Gast heeft duidelijk de juiste editie van de koffiemiddag gekozen, die elke week door buurtorganisatie Neie Naober wordt georganiseerd in Paterswolde.
In het zaaltje dat grenst aan de kantine staan twee lange tafels tegen elkaar aangeschoven. Een kleurrijk gezelschap van zo’n vijftien mannen en vrouwen zit gemoedelijk met elkaar te kletsen, terwijl kannen koffie en thee rondgaan. De Gast krijgt een stoel aangeboden op de hoek van de tafel, zijn directe buurman blijkt de goedgemutste Harry Danhoff. De Gast heeft de hele dag nauwelijks iets anders dan koffie gedronken, hij besluit voor de verandering een glas thee te drinken. Harry gaat wel voor een bakkie pleur, even later worden de punten kersenvlaai rondgedeeld die de Gast al had zien staan. “Ter ere van Wies haar verjaardag,” vertelt Yvette Hovenkamp. Zij is de buurtwerker van Neie Naober en mag de middag in goede banen leiden.
De Gast besluit een wit voetje te halen, hij schudt Wies de hand en wenst haar een fijne verjaardag. Harry en zijn buurman volgen zijn voorbeeld. De Gast is dan wellicht Ongenood, maar niet Onbeleefd. Wies zit aan een eigen tafel, aan het hoofd van de grote tafels waaraan de rest van het gezelschap is gezeten. Het doet de Gast denken aan een directeur die een belangrijke vergadering gaat voorzitten. Na een kritische blik op de tafel van Wies te hebben geworpen daagt een ander idee, dat door buurtwerker Hovenkamp wordt bevestigd. “Zoals jullie al wel geraden hebben, gaan we bingo spelen vandaag,” vertelt ze. “Omdat het bijna pakjesavond is, hebben we extra kado’s.”
De Gast gaat ervan uit dat zijn gewaardeerde lezers weten hoe bingo werkt, maar voor de zekerheid de spelregels in vogelvlucht. Elke deelnemer heeft een bordje voor zich waarop de getallen die Wies omroept kunnen worden afgevinkt. Wie als eerste het hele bordje vol heeft, wint een prijs. Het is van groot belang om nauwkeurig te zijn met het afvinken, voordat de prijs voor een vol bord wordt overhandigd kijkt Wies het namelijk na. “Wie een valse bingo inlevert moet een sinterklaasliedje zingen,” waarschuwt Yvette.
Vervolgens begint Wies in sneltreinvaart nummers en letters te trekken en wereldkundig te maken. Een geconcentreerde stilte valt in de zaal, het enig geluid is de stem van de bingomeester aan het hoofd van de tafel en de bordjes van de spelers. Even later is het zo ver, ‘bingo’ schalt door de ruimte. Jannie Wempe staat op en loopt naar voren, na een snelle controle blijkt haar bingo te kloppen, met een prijs en een tevreden lach loopt ze terug naar haar stoel. De Gast roept zijn beste sportverslaggever op en stelt een geïnspireerde vraag aan de gelukkige winnaar: “Wat ging er door u heen?” Mevrouw Wempe hoeft niet lang na te denken. “Helemaal geweldig,” zegt ze. De Gast meent enig sarcasme te bespeuren, maar zeker weet hij het niet. Samen kijken ze wel even in het zakje met sinterklaasmotief dat Jannie heeft buitgemaakt. Er zit een chocoladereep in, naast nog ander lekkers.
Het spel gaat verder, overal aan tafel zijn de bordjes al nagenoeg gevuld. Het kan niet lang meer duren voordat de volgende winnaar uit de bus komt. Rondom de tafel zitten zo’n vijftien mensen. Toch slaat de bliksem bijna op dezelfde plaats in. De buurvrouw van Jannie, Marja Arends, loopt met opgestoken hand naar voren. Opnieuw houdt iedereen de adem in terwijl de bingo wordt gecontroleerd. Ook deze blijkt legitiem, Marja poseert nog even met haar prijs voordat ze weer gaat zitten. De Gast wordt niet getrakteerd op een sinterklaasliedje. Een volgende afspraak zit inmiddels alweer op hem te wachten. Terwijl iedereen zich opmaakt voor een volgende ronde neemt de Gast stilletjes afscheid. Door het raam zwaait hij nog een keer, sommige zwaaien terug terwijl anderen de volle focus alweer op de getallen.








