Terug aan tafel met de kookclub Vries, Ongenode Gast loert in de pannen

VRIES - Wanneer de Ongenode Gast aankomt bij sporthal De Kamp in Vries staat er al een delegatie te wachten. Vandaag wordt de Kookclub van Vries heropent, door gebrek aan een locatie stond de club twee jaar stil. Daar komt nu verandering in. De Gast voelt zich vereert dat er op hem wordt gewacht, al snel wordt hij van deze illusie ontdaan. Het wachten is op wethouder Jurryt Vellinga, die de club komt heropenen.
Uit een muziekbox in een open raam komen vrolijke tonen. Kinderen die meedoen aan de club hangen wat verveelt rond, volwassen zijn gestoken in schorten die trots het embleem van de kookclub dragen. Even later is het dan toch zover, de wethouder arriveert. Hij laat er weinig gras over groeien, na een rondje handenschudden wordt hij naar de dubbele deur geleid. Deze is dichtgeknoopt met gekleurde linten, met twee kinderen knipt de wethouder ze door. Het gaat zo snel dat de kinderen die de confettikanonnen mogen laten afgaan niet klaar stonden. Een moment later klinken alsnog twee knallen en dwarrelt gekleurd papier door de lucht.
Binnen wordt er hard gewerkt aan een heerlijke maaltijd. De geur van soep hangt in de lucht, in een oventje wordt brood geroosterd en bakken nachochips staan klaar om gedipt te worden. Wethouder Vellinga kijkt zijn ogen uit, even later heeft hij een moment de tijd om de Gast te woord te staan. “Dit is heel goed gedaan”, zegt hij enthousiast. “Het is een klassiek burgerinitiatief, met enthousiaste vrijwilligers die wat willen doen voor kinderen. Als gemeente moet je dat zo veel mogelijk faciliteren.” Hij benadrukt het belang van de kookclub. “Het is iets wat kinderen samen kunnen doen. Er zit een sociaal aspect aan, tegelijkertijd leren ze van alles over gezonde voeding.”
In de korte speech die Jurryt hield voordat hij de linten doorknipte vertelde hij dat hij als 18-jarige geen ei kon bakken toen hij op kamers ging. De Gast is benieuwd of daar inmiddels verandering in is gekomen. “Ik kan inmiddels best goed koken”, zegt hij lachend. “Dat moet ook wel, ik heb kinderen en dan is het wel een verplichting dat je iets lekkers en gezonds op tafel kan zetten.”
Een van de enthousiaste vrijwilligers waar Vellinga het over heeft, is Lien, kartrekker van het initiatief. Ze staat te glunderen tussen de spelende kinderen en verschillende vrijwilligers. Wanneer de Gast zich bij Lien meldt is ze net bezig met twee nieuwe moeders op weg helpen die vrijwilligers willen worden. “Ik ben helemaal happy”, jubelt Lien. “Het is een gecontroleerde chaos, maar het is supergezellig. Ik zie veel bekende gezichten en ook nieuwe.” Naast blijdschap overheerst opluchting bij haar, twee jaar geleden moest de kookclub vertrekken uit dorpshuis De Pan. Twee jaar lang wilde Lien dolgraag verder met de kookclub. Het lukte alleen niet om een goede plek te vinden. “We konden geen kant op, nu hebben we de toezegging van de gemeente dat we hier mogen blijven.” De Kamp is dus de permanente thuisbasis voor de kookclub.
Robin is een jeugdkok van het eerste uur. Ze heeft net een pannenkoek naar binnengewerkt. Ook zij is opgelucht dat de kookclub weer van start is gegaan. “Het heeft veel te lang geduurd”, zegt ze stellig. Ze weet nog goed hoe ze voor het eerst met de club in aanraking kwam. “Mijn moeder kent Lien goed, ze ging een keer helpen met koken en toen ging ik mee. Het was gelijk heel gezellig, toen ben ik dus ook lid geworden. Het is heel fijn dat het nu weer begonnen is, ik ben van plan om elke week langs te komen.”
Ondertussen vullen de zoete tonen van Snollebollekes de ruimte, ‘van links naar rechts’ komt uit de speakers. Een uitstekend moment voor de Gast om zijn snor te drukken. Buiten loopt hij Marcel Elzerman tegen het lijf. Het raadslid heeft zich meermaals hard gemaakt voor de wederopstanding van de kookclub. Hij kijkt tevreden, als een hond met twee staarten. “Dit is waar je het voor doet”, vertelt hij. “Een jaar geleden werd ik benaderd of ik kon helpen, hier zet ik me graag voor in. Het is namelijk veel meer dan een clubje dat kookt. Het is een veilige plek voor kinderen. De vrijwilligers zijn soms mensen met afstand tot de arbeidsmarkt, die zo toch iets moois kunnen bijdragen. Daar hebben we de gemeente van kunnen overtuigen.”
Binnen wordt er gesmikkeld van soep, pannenkoeken en salades. De Gast begint ook danig trek te krijgen. Met een appel in de hand rijdt hij de parkeerplaats van de sporthal af, op weg naar een meer substantiële maaltijd.









