Duivensport in zwaar weer, maar Schoffelmeijer fladdert verder

EELDE-PATERSWOLDE – Vanaf de keukentafel heeft Jos Schoffelmeijer goed zicht op het duivenhok in de tuin. Zijn gevederde vrienden zijn postduiven. Regelmatig vliegen ze in wedstrijdverband van verre oorden, waaronder Frankrijk, terug naar Eelde. Zijn geliefde hobby staat echter onder druk, het aantal duivenmelkers is de laatste jaren drastisch teruggelopen.
“Toen ik in 1990 met de hobby begon waren er 52.000 mensen lid van de NPO, de duivensportbond. Nu zijn er nog 12.000 mensen over. Als ik kijk bij onze vereniging zijn meer dan 50 procent van hen ouder dan 75 jaar”, vat Schoffelmeijer de teloorgang van de sport samen. De jeugd lijkt niet meer geïnteresseerd, waardoor er nauwelijks nieuwe aanwas is. Een verklaring heeft Schoffelmeijer niet, maar dat jongeren niet meer staan te springen om duiven te houden is duidelijk. “Wij hebben absoluut geen jonge leden. Het jongste lid bij onze vereniging is 65 en gaat bijna met pensioen.”
Dat terwijl het volgens Jos een prachtige hobby is. Hij werd zelf al op jonge leeftijd gecharmeerd door de vogelsport. “Twee buurjongens van mij hadden interesse in duiven, die leerden het van oudere liefhebbers en ik trok veel met ze op. Ik hielp met het hok schoonmaken en we luisterden samen naar het radioverslag, daarop hoorde je wanneer de duiven vrij werden gelaten.” Dat het juist duiven waren die zijn hart veroverde heeft met hun karakter te maken. “Mijn opa had kanaries, dat vond ik ook leuk maar daarmee bouw je geen band op. Bij duiven is dat heel anders, je ontwikkelt echt een band met ze.” De liefde van de duif gaat, net als bij vele anderen, door de maag. “Door ze te voeren leren ze je kennen, naarmate je het vaker doet worden ze steeds makker. Als je op een gegeven moment het hok binnenstapt dan komen ze op je hoofd en je schouders zitten”, vertelt hij enthousiast.
De sport draait om welke duif het snelst weer thuis is, nadat ze ergens zijn uitgezet. Tijdens het vliegseizoen wordt begonnen met korte afstanden, van enkele tientallen kilometers, tot tochten die ver over de landsgrenzen gaan later in het seizoen. De duiven van Schoffelmeijer zijn regelmatig in de prijzen gevallen. Met gepaste trots laat hij een vermelding zien in een duivenmagazine. Zijn duif, met de pakkende naam NL11 – 1181371, vloog het snelste van Chateauroux in Frankrijk terug naar Eelde. In 12 uur legde de vogel 783 kilometer af. “Het was die dag ook nog eens bloedheet, kan je nagaan wat zo’n duif allemaal aankan”, zegt Schoffelmeijer.
Een dergelijke tocht begint voor de duif in zijn eigen hok, de duivenmelker stopt hem daar in een korf en brengt hem naar het clubhuis. Daar worden alle deelnemende duiven verzameld en naar de locatie gereden die als startpunt is aangemerkt. Dan worden vervolgens alle vogels losgelaten en richten ze hun snavels richting huis. Door de stand van de zon in de gaten te houden, hun reukvermogen en een soort natuurlijk kompas in de snavel weten duiven feilloos de weg terug naar huis. Een jonge vogel leert het kunstje dicht bij huis. Naarmate hij ouder wordt en meer ervaring opdoet wordt de afstand waarop hij kan worden losgelaten steeds groter.
Iemand die de hobby serieus neemt fokt zelf zijn of haar duiven. De duivenmelker uit Eelde is daarop geen uitzondering. Momenteel heeft hij 21 paartjes duiven in het hok zitten. Elk koppel legt zo’n twee eieren, uiteindelijk bereiken zo’n 35 tot 40 duiven hun volwassen leeftijd. Omdat de ruimte niet onbeperkt is moeten aan het einde van het seizoen keuzes gemaakt worden. Vogels die het minst presteren of waarin Schoffelmeijer geen potentie ziet worden afgevoerd. “De vogels waar ik niks mee kan gaan naar de poelier. Dat is mijn minst favoriete deel van de hobby.”
Er zijn nog wel andere aspecten van het duivenhouden waardoor de sport niet voor iedereen geschikt is. Schoffelmeijer somt op: “Je moet eigenlijk twee keer per dag het hok schoonmaken, daar moet je tijd voor maken.” Bovendien lopen de kosten steeds verder op. “Je hebt een registratiesysteem nodig zodat kan worden gezien wanneer je duif terug is van een wedstrijd. De vogels moeten ook getransporteerd worden naar de wedstrijdlocatie, met de huidige dieselprijs is dat steeds duurder.” Een hele verantwoordelijkheid dus, een stel koerende duiven in de achtertuin. “Het trekt een wissel op je privéleven. Jij kan het wel leuk vinden, maar wat vinden je vrouw en kinderen ervan”, bekent Schoffelmeijer.
Hijzelf denkt voorlopig nog niet aan stoppen, de sport is voor hem te mooi. “Het observeren van de duiven, toeleven naar de wedstrijddag en dan uiteindelijk de spanning terwijl ze vliegen. Prachtig is dat”, zegt hij met fonkelende ogen. Hoelang de sport blijft bestaan ziet hij wel somber in. “Als er geen kentering komt dan houdt het binnenkort op.”