Toekomstplan voor Museum De Buitenplaats betekent redding van ‘Gesamtkunstwerk’

Afbeelding
Foto: Sake Elzinga
Cultuur

EELDE – Museum De Buitenplaats in Eelde bestaat uit een modern museumpaviljoen, het 17e-eeuwse Nijsinghhuis en een museumtuin met architectonische waarde. Het ensemble wordt beschouwd als een ‘Gesamtkunstwerk’ van de oprichters, het echtpaar Van Groeningen, dat in 1996 op deze plek een museum voor hedendaagse figuratieve kunst opende. De stichting die het werk van het echtpaar voortzet, slaagt er de laatste jaren niet in het museum rendabel te exploiteren. Corona heeft deze ontwikkeling versneld.

Als De Buitenplaats op 1 januari geen museale functie meer heeft, vervallen de kavels die het museum in erfpacht heeft van de gemeente (het museumpaviljoen en de museumtuin) aan Tynaarlo. Op het Nijsinghhuis heeft de gemeente het recht van eerste koop.

Stichting Het Drentse Landschap wil het Nijsinghhuis graag overnemen, net als het erfpachtrecht dat op de bijbehorende kavels rust. Op die manier wil het Landschap ervoor zorgen dat het ensemble één geheel blijft. Voor de exploitatie van de gebouwen is samenwerking gezocht met het Drents Museum. In het opgestelde toekomstplan richt het nieuwe DM De Buitenplaats zich volledig op Art Nouveau, een kunststroming omstreeks 1900 die veel liefhebbers kent. Desondanks heeft Nederland tot dusver geen museum dat in Art Nouveau is gespecialiseerd. Het Drents Museum in Assen heeft een toonaangevende collectie kunst uit de periode 1885-1935. Art Nouveau maakt ook deel uit van de collecties van het Kunstmuseum in Den Haag, het Rijksmuseum en Stedelijk Museum in Amsterdam en het Museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam. Voor alle musea geldt dat in de programmering slechts beperkt ruimte is om deze kunst te exposeren. Het Drents Museum wil in Eelde vanuit de eigen collectie wisselende exposities Art Nouveau inrichten, aangevuld met objecten van binnen- en buitenlandse musea. Omdat Art Nouveau een richting is waarbij kunstenaars voor hun inspiratie ‘terug naar de natuur’ gingen, past Het Drentse Landschap naadloos in het plaatje dat in het toekomstplan wordt geschetst. Vanwege de vele florale elementen in deze kunststroming wordt het bloemendorp Eelde gezien als de gedroomde locatie. Omdat Art Nouveau ook figuratieve kunst is, zou dit nieuwe museale vervolg goed aansluiten op de huidige invulling van Museum De Buitenplaats.

Vlak voor de zomer werden de grootste financiers van het huidige museum, de provincie en de gemeente Tynaarlo, in het plan betrokken. B en W van Tynaarlo zijn trots op het resultaat van de onderhandelingen, blijkt uit het collegevoorstel aan de raad. “In oktober lag er een solide plan voor het behoud van het ensemble en voor de realisatie van een nieuw DM De Buitenplaats.” Voor dit nieuwe Drentse museum worden jaarlijks 30.000 bezoekers verwacht. Dat zou Eelde een maatschappelijke en economische impuls geven, ook omdat het nieuwe museum contact wil leggen met inwoners en middenstanders in het dorp.

De totale geschatte kosten van het nieuwe DM De Buitenplaats worden voor 2024-2028 geschat op 3,3 miljoen euro. Tijdens de Integrale Voortgangsrapportage 2023 reserveerde Tynaarlo 1,2 miljoen euro voor het toekomstplan. Daarvan is 1,15 miljoen een ‘bruidsschat’ voor Het Drentse Landschap. Van het resterende deel worden verbeteringsinvesteringen van het ensemble betaald en ook wordt het openhouden van het noodlijdende museum hiermee bekostigd. Bovenop deze 1,2 miljoen is door de gemeenteraad ook een extra gemeentelijke subsidie van 310.000 euro gereserveerd, naast de bestaande gemeentesubsidies voor De Buitenplaats. Met dit bedrag wordt de gemeentelijke subsidie gelijkgetrokken met die van de provincie, die naar verhouding altijd meer betaalde voor de exploitatie. Het Drents Museum betaalt 590.000 euro en gaat een inspanningsverplichting aan voor het werven van minimaal 250.000 euro aan externe fondsen. De provincie Drenthe betaalt eenmalig één miljoen euro voor het opstarten van het nieuwe DM De Buitenplaats. Daarnaast blijven bestaande provinciale subsidies gehandhaafd. Ook onderzoekt de provincie of het mogelijk is om een extra bijdrage te krijgen uit de subsidieregeling voor Restauratie en Herbestemming Karakteristiek Bezit.

In een reactie zegt Hanneke Hoekstra, de huidige directeur van Museum De Buitenplaats, verheugd te zijn over het toekomstplan en over de organisaties, die daarin samenwerken. “Daarmee hebben we de beste partijen die we ons konden wensen. Het Drents Museum is zeer actief, je ziet wat dat museum betekent voor Assen.” Of Hoekstra directeur blijft in het nieuwe DM De Buitenplaats, is nog niet duidelijk. “De invulling van de directie moet in de verdere uitwerking nog vorm krijgen.” Over de gang van zaken die leidde tot het afblazen van de persbijeenkomst, waar het toekomstplan voor het DM De Buitenplaats zou worden gepresenteerd, reageert Hoekstra teleurgesteld. “We hebben daarover met het Drents Museum en Het Drentse Landschap een gezamenlijke verklaring naar buiten gebracht.”

UIT DE KRANT